Tien jaar geleden kon ik plotseling niet meer praten. Er kwam nog wel wat geluid uit mijn mond maar daar viel geen touw meer aan vast te knopen. De keelarts stelde vast dat er akelig spul op mijn stembanden zat vastgekoekt. Volgens hem kwam dat door dertig jaar lang anderhalf pakje Camel per dag. Direct na de noodzakelijke stembandoperatie kreeg ik het goedgemeende advies om met roken te stoppen. De chirurg voorspelde me dat ik in het ergste geval nooit meer zou kunnen zingen als ik om dezelfde reden nog een keer bij hem onder het mes zou moeten.
Dat bleek vijf jaar laten reuze mee te vallen. Ik wilde toen mijn stembanden voor de tweede keer aan het revalideren waren toch maar wat graag met roken stoppen. Karakterzwakte gekoppeld aan een zware verslaving zorgde er voor dat elke stoppoging na een paar weken mislukte. Op zes januari van dit jaar heb ik om half elf ’s ochtends mijn laatste sigaret uitgemaakt en dankzij de hulp van een pilletje - Champix - rook ik tot op de dag van vandaag nog steeds niet. Er was me voorspeld dat ik na een paar maanden vanzelf harder zou kunnen lopen en beter zou zingen, maar daar is me tot nog toe niets van opgevallen.
Zonder te liegen kan ik ook niet zeggen dat ik me nou echt gelukkiger voel sinds ik niet meer rook. Ik heb verder ook totaal geen last van de mensen die gewoon wel roken. Sterker nog, de geur van sigarettenrook ervaar ik als aangenaam. En een van de redenen waarom ik graag een café bezocht was dus dat het er zo heerlijk naar rook kon ruiken. Nu de horeca rookvrij is geworden behoor ik dus tot de selecte groep mensen die horecabezoek minder aantrekkelijk zijn gaan vinden omdat er geen luchtje meer aanzit.
Omdat het ik het niet als taak van de overheid zie om gedrag van mensen te verbieden omdat andere mensen daar in het ergste geval een beetje last van hebben, ben ik een tegenstander van het rookverbod in de horeca. Als mensen die ongewild meeroken in bescherming genomen moeten worden zou de overheid ook het gebruik van auto’s radicaal aan banden moeten leggen. Ik heb zelf geen auto, maar iedereen die wel puur voor zijn eigen lol zo’n ding met zo’n stinkende uitlaat gebruikt, brengt door zijn uitlaatgassen tenslotte de gezondheid van mijn longen ook in gevaar.
Een rookverbod uit naam van de volksgezondheid is dus op zijn zachtst gezegd een nogal selectief verbod wil ik maar zeggen. Als de voorzitter van een of ander stichting ter bestrijding van het roken naar een discussieavondje tuft, moet ik zijn uitlaatgassen inademen omdat hij te lui is om de fiets te nemen. Toen ik dat tijdens zo’n discussieavondje eens een keer tegen zo’n type zei, werd ie zo kwaad op me dat ik de rook uit zijn oren zag komen. Het was dus al met al best een nuttige avond. Behalve het intolerante en het inconsequente van de anti-rooklobby, heeft ze samen met de overheid ook nog niet eens een goeie reden kunnen bedenken om roken in de horeca te verbieden. De officiële reden is tenslotte dat alle werknemers in de horeca recht hebben op een rookvrije werkplek.
Maar wacht eens even, als iemand ergens recht op heeft, is hij toch niet automatisch verplicht om van dat recht gebruik te maken? Iemand die bijvoorbeeld recht op een uitkering heeft, heeft niet de plicht er een aan te vragen Iemand die recht op belastingteruggave heeft, heeft niet de plicht dat geld terug te willen ontvangen. En iedereen van boven de 18 heeft stemrecht, maar tegelijkertijd niet de plicht om te gaan stemmen. Het zou fatsoenlijker zijn als de overheid het recht op een rookvrije werkplek gaat koppelen aan de gebruikelijk mogelijkheid om van dat recht geen gebruik te maken.
Henk Westbroek