Waarom zijn steden als Barcelona en Berlijn in staat om uitstekend openbaar vervoer te bieden voor kaartjes die een stuk minder kosten dan hier? Buitenlandse vrienden verschieten van wat ze hier moeten betalen. Niet alleen voor het openbaar vervoer, maar ook voor horeca en musea. Nederland is schreeuwend duur. Het openbaar vervoer in Barcelona, zo heb ik mij laten uitleggen, is winstgevend, ondanks de goedkope tarieven. Wat is er mis in Utrecht (en de andere grote steden in Nederland)?
De vorige wethouder, Yet van den Bergh, milieudeskundige en actievoerster, was bepaald geen doetje. Toch was ze nog geen paar weken wethouder of ze was de meest vurige pleitbezorger van betere autobereikbaarheid. De huidige wethouder, Tymon de Weger, is verkeerskundige met een ruime ervaring in het openbaar vervoer. De goeie intenties stralen ervan af. Maar ook hij krijgt geen poot aan de grond. De Weger wordt gebruikt als uithangbord en is, net als Yet van den Bergh, binnen een paar weken door zijn ambtenaren gehersenspoeld. Ook hij ziet inmiddels in iedereen die voor een beter milieu opkomt een lastige burger die het er alleen maar om gaat zand in de machine te gooien. Ook het feit dat GroenLinks in het college zit, maakt geen verschil. Nou ja, het verschil is dat je ze niet meer hoort over het terugdringen van het autoverkeer en over luchtverontreiniging.
Bram Peper promoveerde als socioloog ooit op het onderwerp institutionalisering en het lezen van zijn boek heeft mij al snel overtuigd. Als je wilt begrijpen waarom Utrecht niet met zijn tijd meegaat en niet de overstap maakt naar modern openbaar vervoer, dan moet je naar de opbouw en de samenstelling van de ambtelijke dienst kijken. Wat dan meteen opvalt, is de positie van het Ingenieurs Bureau Utrecht (het IBU), een staat in de staat. Een bedrijf dat bestaat van het ontwerpen van wegen, kruispunten, viaducten, ondergrondse parkeergarages en bovendien volledig zijn eigen vraag bepaalt. Een normaal bedrijf moet met scherpe prijzen komen en iets aanbieden waar de klant om vraagt, maar het IBU beslist als gemeentelijke dienst domweg voor de gemeente Utrecht dat er behoefte bestaat aan steeds meer van haar diensten en aan overdreven en uiterst kostbaar asfaltonderhoud. En bepaalt dan vervolgens gewoon wat daarvoor betaald moet worden. Het IBU, een groot gezelschap arrogante ingenieurs, die al heel lang de dienst uitmaken en korte lijntjes hebben met de hoge ambtenaren op het stadhuis, die de wethouder bij de hand houden. Han Lammers, ex-wethouder in Amsterdam, vertelde ooit dat hij bij zijn aantreden als wethouder van de directeur publieke werken te horen kreeg dat hij als wethouder slechts een incident was in de lange geschiedenis van publieke werken.
De oplossing is dus eenvoudig. Stoot het IBU als gemeentelijke ingenieursdienst af. Laten ze hun eigen broek maar ophouden, zodat ze moeten concurreren met commerciële ingenieursbureaus. Dan kom je als wethouder zelf in het zadel te zitten. En neem dan eens een paar ingenieursbureaus in de arm die met hun tijd zijn meegegaan en gespecialiseerd zijn in openbaar vervoer.
Kees van Oosten