Volgens Thomas Hobbes (1588-1679) zouden mensen elkaar de hersens inslaan als er geen krachtige overheid was die de orde bewaarde. In de natuurtoestand heerst namelijk de oorlog van allen tegen allen. Dat heeft de mensen ertoe gebracht een soort verdrag sluiten, waarbij iedereen toezegt zich aan het gezag van de overheid te onderwerpen. De overheid ontleent daaraan het recht om mensen te straffen.
Het strafrecht is dus oorspronkelijk bedoeld om mensen tegen elkaar te beschermen en onze veiligheid te garanderen. Door te straffen, maar allereerst door gedragsregels te stellen: je mag niet moorden, niet slaan, niet schoppen, niet stelen, niet liegen, niet beledigen. Dus alles is verboden waarmee je de medeburger kwaad doet. De overheid en haar regels zijn het middel en het doel is een vreedzame samenleving.
In de loop van de tijd heeft een merkwaardige omkering van doel en middel plaatsgevonden. Als er ingebroken is, komt de politie vaak niet eens meer kijken. Als de buren agressief zijn, krijg je van de politie het advies om te verhuizen en geen aangifte te doen. Als je van de sokken wordt gereden door luidruchtige scootertjes, is de politie nergens te bekennen. De bescherming van de ene mens tegen de andere, daar komt het dus niet zo van. Terwijl dat toch oorspronkelijk de bedoeling was.
Wat we daarentegen steeds meer zien gebeuren, is dat de overheid optreedt tegen burgers die de overheid met haar regeltjes niet serieus nemen: de vuilniszak iets te vroeg buiten zetten, door een rood stoplicht lopen, koopwaar buiten voor het raam hangen, identiteitsbewijs niet bij zich hebben, zich nodeloos ophouden op een brug (‘baliekluiver-arrest’), samenscholen en geen gehoor geven aan het bevel om door te lopen. Het vergrijp bestaat er in al die gevallen vooral uit dat de burger de brutaliteit heeft zich ongehoorzaam te gedragen jegens de overheid, die zich daardoor op zijn pik getrapt voelt.
Een cliënt van mij kreeg een strafkorting omdat hij de sociale dienst er niet van op de hoogte had gebracht dat hij af en toe een s.o.s.-hondje in huis nam, zodat de dierenbescherming een nieuw baasje voor het verwaarloosde hondje kon zoeken. Hoewel hij er niets aan verdiende en de zorg voor het hondje niet aan zijn arbeidsbeschikbaarheid in de weg stond, oordeelde de rechter dat hij zich niet aan de regels van SoZa had gehouden en dat de strafkorting dus terecht was. Regels zijn regels. Ook al zijn het zinloze regels.
Stelen, slaan, schoppen, mensen van de sokken rijden, daar gaat de politie tegenwoordig niet meer achteraan, maar wee je gebeente als je de spot drijft met de overheid en handelt in strijd met zinloze regeltjes, waarvan er steeds meer komen. Dat bedoel ik met de omkering van het doel en de middelen. En als dan ook nog eens blijkt dat de overheid zelf de allergrootste regelovertreder is, zonder dat het OM daar iets tegen doet, ligt de conclusie voor de hand. Het strafrecht is er tegenwoordig om van ons gehoorzame en eerbiedige burgers te maken, met de pet in de hand. Met onze veiligheid heeft dat allemaal niets meer te maken.
Kees van Oosten