Marokkaanse ouderen en jongerenwerkers uit Slotervaart bezochten Auschwitz om te zien “waar uitsluiting toe leidt”. Dat werd door de gemeente Amsterdam betaald. Het is de bedoeling dat deze Marokkaanse ouderen en jongerenwerkers hun ervaring op Marokkaanse jongeren overbrengen, die zich daardoor verdraagzamer zouden gaan gedragen. In 2003 verstoorden een aantal Marokkaanse jongeren namelijk de dodenherdenking.
Marokkaanse ouderen en jongeren weten heel goed waar uitsluiting toe leidt en wat het met je doet. Dat ondervinden ze namelijk dagelijks aan den lijve. Het zijn juist burgemeesters, wethouders, raadsleden, ministers en parlementariёrs die daar geen idee van hebben.
Wat het gemeentebestuur van Amsterdam eigenlijk met de excursie aan de Marokkaanse gemeenschap duidelijk wil maken is: “Dat komt er uiteindelijk van, van het onverdraagzame gedrag van jullie jongeren: Holocaust.” En dat is nogal kort door de bocht. Sterker nog: daar klopt eigenlijk niets van.
Als ik zo’n Marokkaanse jongen uit Slotervaart was, dan zou ik tegen Cohen zeggen: “U moet mij niet zo’n schuldgevoel aanpraten, want voor de systematische vernietiging van mensen is wel even wat meer nodig dan onverdraagzaamheid.”
Voor het ophalen, wegvoeren en vernietigen van joden en zigeuners was een staatsbureaucratie nodig en een perfecte persoonsregistratie (waar wij in Nederland zo goed in zijn!), waren politie, soldaten en ambtenaren nodig die “hun plicht” deden en burgers en politici die de overheid haar gang lieten gaan.
Ambtenaren, politie en militairen die bij de deportaties en vernietiging betrokken waren, hadden vaak helemaal niets tegen joden en zigeuners. In zoverre speelde onverdraagzaamheid dus helemaal geen rol. Ze deden alleen wat hun van hogerhand werd opgedragen en ze hadden doorgaans niet het lef om zich afwijkend te gedragen en hun geweten te volgen.
Ook het gros van de burgerij in Nederland had niets tegen joden en zigeuners. Ook daar speelde onverdraagzaamheid dus geen rol. Wel apathie, volgzaamheid, lafheid en onverschilligheid.
Door de gruwelijkheden van Auschwitz uit onverdraagzaamheid te verklaren, wordt de aandacht afgeleid van het werkelijke gevaar. Het werkelijke gevaar schuilt in de ontsporing van ambitieuze gezagsdragers en overheidsdienaren en in de onverschillige volgzaamheid van de burgerij. Als ik zo’n Marokkaanse jongen uit Slotervaart was, dan zou ik tegen de autoriteiten en het Nederlandse publiek zeggen: “Waarom gaan jullie zelf niet eens kijken in Auschwitz?”
Kees van Oosten