
Klik hier voor een vergrotingIets meer dan vijf jaar geleden begon Jos Stelling het Louis Hartlooper Complex. Daarvoor was het politiebureau, ontworpen in 1926. De Utrechtse stadsarchitect Johannes Izak Planjer ontwierp het politiebureau Tolsteeg samen met de Tolsteegbrug, en de kademuur met tramhalte.
Ik was betrapt bij het plakken van affiches, door agenten van het bureau Tolsteeg. Dus m'n fiets moest op slot en ik moest mee in de wagen naar bureau Tolsteeg. De affiches en de emmer lijm werden in beslag genomen. Ik werd opgesloten in een cel met een klein getralied raam. De agenten verdwenen om het papierwerk te doen.
Ze hadden me aangehouden omdat ze me zagen plakken, en wisten dat dat verboden was. Alleen wisten ze niet in welk wetboek dat stond. Ik moest anderhalf uur wachten voor de arresterende agenten gevonden hadden welk wetsartikel ik met voeten had getreden. Het betrof een artikel van de algemene politieverordening. Tegenwoordig is het artikel 122 van de APV, toen was het artikel 59 of 60.
Het was een vergrijp waar een straf op stond van een paar tientjes. Ik kende het artikel en had het al een keer gelezen. Ik had hen met gemak drie manuren kunnen besparen, maar deed me voor als de vermoorde onschuld. Mijn straf daarvoor was die anderhalf uur cel, het plakken koste me 35 gulden dat vergoed werd door mijn opdrachtgever.
De agenten reageerden waarschijnlijk net als veel voorbijgangers, als die me zagen plakken. Op een of andere manier ziet het er illegaal uit, zelfs als ik op daarvoor bestemde plekken plak.
In die tijd was er een soort vijandschap tussen de jonge inwoners van Utrecht en haar agenten en andere overheidsdienaren. Dat resulteerde niet alleen in een achterdocht van onze kant, maar ook de agenten behandelden je bij voorbaat als een weerbarstige arrestant.
Om geen blunder te willen slaan, zochten ze anderhalf uur om te ontdekken waarom mijn werk er zo illegaal uit zag. Ik moest me zo nodig van de domme houden, waardoor ik anderhalf uur moest wachten. Later bleken de agenten toch niet de slechtste te zijn, want bij het vaststellen van de hoogte van de boete hadden ze rekening gehouden met mijn financiële toestand.