Het eten in het vliegtuig naar Peking was niet om over naar huis te schrijven ,
waardoor ik stevige trek had toen ik direct na landing een chinees restaurant binnenstapte. Die zijn in Peking niet moeilijk te vinden.
In het midden van het reusachtige eethuis was een cirkel van aquaria op de grond geplaatst. Daar zwommen en dreven wel tweehonderd vissen in rond. In de roos van die cirkel stond een man met een schepnetje bestelde vissen te vangen.
Als die man even niks te doen had zochten zijn ogen de aquaria uit waarin vissen zaten die niet meer zwemmen wilden. Hij spuugde dan een forse rochel in dat aquarium en als de drijvende vis een teken van leven gaf door toe te happen, keek hij blij. Ik at vlees die avond.
En at nog smakelozer dan in het vliegtuig. Niet omdat het eten smerig was maar omdat aan elk tafeltje waar ik stiekem naar keek wel iemand zat die even routineus op de grond spuugde.
Het eten van Chinese vleesfondue in een gezelschap van honderden met regelmaat rochelde mensen….nou ja, dan wil ik eigenlijk gelijk afrekenen en wegwezen. Dat deed ik dan ook. Het afrekenen ging vlot, het wegwezen duurde even; omdat ik mijn best deed om de spuugplakken op de stenen vloer te ontlopen wat de route naar de uitgang 15 keer zo lang maakte.
Drie dagen later was ik al redelijk gewend aan het Chinese spuuggedrag. In het begin was ik bang dat als een van die vele rochelaars op straat achteloos op de grond zou spugen, een mini- wervelwindje die fluim op mijn handen of, erger nog, mijn hoofd zou laten belanden. Maar dat gebeurde nooit! En dan wen je vanzelf aan dat gespuug, zoals een dokter aan het zien van zwerende wonden went: het blijft geen leuk gezicht, maar het ontregelt niet meer.
Sinds ik weer thuis ben besef ik opnieuw dat je van vreemde culturen toch altijd wel wat bruikbaars opsteekt. Ik kan namelijk tegenwoordig zonder dat het me ook maar iets doet, kijken naar elke samenvatting van elke voetbalwedstrijd. Als een speler na een nutteloos sprintje of een gemiste doeltrap even stilstaat om na te denken en op het veld te spugen, dan denk ik alleen nog maar “ Volgens mij kan dat helemaal geen kwaad! Voor de kwaliteit van de grasmat!”
Gisteren hoorde ik op de radio een boze mijnheer zeggen dat hij zo kwaad was op minister Bos dat hij minister Bos recht in zijn gezicht zou spugen als ie de kans kreeg. Ik ging –gewenning tenslotte- niet meer over mijn nek maar dacht toch nog wel, voor dat soort malloten hebben ze in China tenminste nog leuke baantjes in restaurants!
Tip: Als de browser toch een speler opent, kan met de rechtermuisknop boven de link gekozen worden voor 'Doel opslaan als...' waarmee het bestand op de computer kan worden opgeslagen.