
Klik hier voor een vergrotingZelf heb ik geen herinneringen aan stiekeme, of stoute activiteiten in het fietsenhok. Tot en met het einde van de middelbare school heeft het fietsenhok iets spannends. Je bent er uit het zicht van de leraren en er gebeuren dingen die niet horen.
Het enige spannende dat ik me herinner is een schunnig mopje dat ik van de zoon van de dokter hoorde op de lagere school. Het zal in de vijfde of zesde klas geweest zijn, toen we na school nog wat rondhingen bij het fietsenhok.
Dat was een stenen muur met overkapping en een lange rij kinderfietsen en aan het eind nog een klein gedeelte haaks daarop. M’n vaders fiets (hij gaf les aan klas drie en vier) stond helemaal rechts in dat deel. Een grote herenfiets: Locomotief met vaal blauwe fietstassen en een groot Lepper zadel. Zelf liep ik liever naar school, of zat bij mijn vader achterop.
Ik hield niet zo van fietsen, ik liep liever. Ik leerde ook heel laat fietsen, pas toen ik een jaar of zeven was. In de winter liep ik ook liever door de sneeuw dan dat ik met vriendjes schaatste. Schaatsen heb ik eigenlijk nooit echt geleerd. Iedere winter wel een keer proberen op de Friese doorlopers van mijn vader, maar nooit echt geleerd.
Ik was duidelijk niet de snelste van de klas. Ook op seksueel gebied was ik zo groen als gras. Ik snapte het mopje, of eigenlijk was het een raadseltje, van de zoon van de dokter niet. Maar ik begreep wel dat het met sex te maken moest hebben. Al wist ik toen ook nog niet wat dat was. Aan de toon van het raadsel wist ik dat het met sex te maken moest hebben. Ik voelde toen ook al het genre aan.
Zo’n raadsel waarvan het meest voor de hand liggende antwoord fout is en met altijd met sex te maken heeft, vooral als de toon dubbelzinnigheid doet vermoeden.
Het was aan het begin van het fietsenhok bij de zijmuur. We waren net over het schoolhek geklommen. Ik had toen een korte broek aan geloof ik, al weet ik dat natuurlijk niet zeker. Wel weet ik het raadsel nog.
“Wat gaat er hard in en komt er slap weer uit?” Ik wist het antwoord niet, en ook het voor de hand liggende foute antwoord niet. Hij zal wel geprobeerd hebben het me uit te leggen, maar ik denk dat ik toen niet wist waar hij het over had.
Het antwoord was een wortel in een pan met kokend water, of een koekje in de thee.
De wortel vond ik niet overtuigend. Het koekje dat klopte wel.