
Klik hier voor een vergrotingAls het in Venetië hoog water is, worden er in de stad loopbruggen over de ondergelopen paden aangelegd. Op deze foto is het net of je via zo'n loopbrug achter de huizen aan het Grand Canal bent aangekomen. De details verraden dat het Nederland is, en als je goed kijkt zie je dat het Utrecht is, ongeveer 2002, toen de bruggen van de Oudegracht een opknapbeurt kregen. Je ziet loopplanken voor de arbeiders en verderop een werkboot voor het materiaal. En bovenop de brug het gewone dagelijkse leven, met natuurlijk de reling van de brug als fietsenstalling.
Het lijkt wel of de foto’s die Nico Jesse van Utrecht maakte in 1942 de laatste foto’s zijn van Utrecht zonder fietsen. Tegenwoordig lijkt het voor gepubliceerde foto’s zelfs verplicht om er een fietser op te hebben. Als er eindelijk eens een straat in het nieuws is, die niet vol met fietsen staat, wacht de fotograaf tot er een fietser langskomt en maakt zijn foto.
Er zijn natuurlijk wel meer verschillen tussen Jesses Utrecht en het Utrecht van nu. Pleinen en straten veranderen, paaltjes en stoepranden komen en gaan in de loop van 60 jaar. Het zijn allemaal verklaarbare en voorspelbare veranderingen.
Nadat de gemeente groot onderhoud heeft gepleegd ziet het er soms weer even net zo uit als in het boekje van Nico Jesse. Het Zocherplantsoen is weer helemaal opgeknapt en zelfs de Dudokbank naast de Stadsschouwburg is weer in z’n oude glorie hersteld. Alleen nu zitten er meestal hangjongeren, of alcoholisten in plaats van (groot)ouders met hun kinderen.
De uitstraling van de binnenstad wordt natuurlijk vooral bepaald door de rijen glimmend blik langs de reling. Niet voor iedereen is de heilige koe ook echt heilig. Zo nu en dan wordt er gesproken over een autoloze binnenstad, en met de gevolgen van de kredietcrisis kan ik me wel meer overeenkomsten voorstellen met 1942.
Iets dat ik me echter niet voor kan stellen, is ooit de Oudegracht zonder fietsen aan de reling te zien.
Het boekje ‘Utrecht 1942, Foto's van Nico Jesse’ verscheen in 2003 bij uitgeverij de Prom.