
Klik hier voor een vergrotingHet is laat en al donker, maar ondanks mijn voornemen om voor het eerst na de zomervakantie weer eens foto’s te maken heb ik nog geen zin om op pad te gaan. Ik heb geen inspiratie, maar stap toch op mijn fiets en rij naar het centrum. Aan de werf bij de aanlegplaats van de rondvaartboten kijk ik wat rond om te zien of er nog een mooie foto in zit. Als zich niets aandient, ga ik even op een bankje zitten roken en kom tot rust. Ik probeer een paar opnames, maar zonder een geweldig resultaat.
Het is een soort writersblock, een angst om te beginnen. Het lijkt op een schilder die niet naar zijn atelier durft te gaan. Hij weet dat het eerste dat hij daar zal zien, recht tegenover de ingang, een groot leeg doek is.
Ik stap weer op mijn fiets en bedenk waar ik nu heen zal gaan. Mij schiet de foto van een van mijn cursisten te binnen. Een foto van de Janskerk, gespiegeld in een plas. Ik fiets om de kerk en vind de plas. Ik zet m'n fiets neer, loop een paar keer om de plas en concentreer me dan weer op de reflectie in het water. Al ken je een gebouw nog zo goed, als je het weerspiegeld ziet in het water is het opeens anders. Je aandacht wordt geleid naar andere dingen.
Mijn vreemde getuur in het water moet de aandacht hebben getrokken van een voorbijganger, want even later word ik aangesproken door een jonge man. Hij is meer dan alleen nieuwsgierig naar wat ik aan het doen ben. Hij is echt geïnteresseerd in mijn werk. Meer dan een uur tuur ik nog in de plas en maak een hele serie opnames, terwijl ik met de man verder praat over mijn nachtfoto's. Daarna roken we samen nog een jointje. Ik weet dat er tussen de opnames die ik gemaakt heb wel een goede zit dus kan ik met een gerust hart ontspannen.
Hij stelt geïnteresseerde vragen over mijn foto's en vraagt waar ik nog graag een keer naar toe zou willen. Ik zou het niet weten, meestal laat ik mij leiden door de omstandigheden. Hij stelt Parijs voor, en kan er met de auto van de zaak zo heen rijden. De kanalen in Parijs lijken mij wel fotogeniek. In een film heb ik daar eens mooie opnames van gezien. In gedachten zwerf ik ‘s nacht over de kades.
Hij biedt mij aan om er een keer met mij heen te rijden om daar foto’s te maken. Ik hoefde maar te zeggen wanneer.
Ik weet nog steeds niet waarom ik er nog niet op ingegaan ben.