Flarden van het fietspad
Column
Gepubliceerd: 2009-10-27
door: Elize Brolsma
Ik woon aan een fietspad en dat zorgt ervoor dat ik, als het raam open staat, prachtige gespreksflarden van nietsvermoedende fietsers op kan vangen. Ik denk dat er een uiterst postmodernistische dichtbundel zit in de vreemde en opzwepende, maar vooral dubieuze zinnen die ik her en der gehoord heb.
Telefonerende voorbijgangers zijn mijn favoriet. Deze hebben de neiging langzamer te fietsen en harder te praten. “Maar met drie mensen tegelijk is het wel veel prettiger”, “En daarna kregen we er juist vier kazen bij”, of: “Juist dat groene stukje moet je hebben”, zijn zinnen die ik letterlijk gehoord heb en waarvan ik nog steeds niet weet in welke context ze geplaatst dienen te worden.
En dat is nu ook juist het leuke: over die vreemde flarden van een gesprek kun je lang fantaseren. Vooral de zin met ‘het juiste groene stukje’ heeft lang rondgedwaald in mijn gedachten. Het voor de handliggende antwoord ga ik nu niet geven, ik denk ook niet dat dit de juiste context is. Mensen praten niet vol verve over hun neus-dineer-activeiten, zeker niet op de fiets.
Behalve bellende fietsers, zijn ook de gespreksflarden van mensen die naast elkaar fietsen interessant om mee te krijgen. ‘s Nachts blijken mensen vaak dronken te zijn en overdag blijken mensen graag ruzie te maken. Ik weet niet of het ligt aan de buurt waar ik woon, maar ik heb al flink wat gezeur mogen aanhoren. Het komt er vaak op neer dat ‘jij’ iets verkeerd doet, terwijl ‘jij zelf’ geen haar beter bent: heel verfrissend.
Gelukkig vang je af en toe ook iets liefs op. Laatst vertelde een klein meisje aan haar moeder dat ze een lieve mama is. Wellicht mierzoet, maar de context is in ieder geval in één keer duidelijk.
Stuur dit bericht door!
|