zondag 20 oktober 2019
Versie 3.00.0
  Dé click met Utrecht!


Nieuws per e-mail?
Aanmelden Mijn AOU
Hier gratis aanmelden

Politiekpagina
Nieuwspagina
Meer nieuwspagina
Regio nieuwspagina
Variapagina




Gekrabbel in de nacht
Column
Gepubliceerd: 2009-10-13
door: Quentin van Dinteren








Altijd ben ik een kind van het stedelijke centrum geweest, dus zouden muizen voor mij geen vreemdelingen moeten zijn. Maar in mijn ouderlijk huis was er nimmer één te bespeuren. Nooit heb ik last van ze gehad. Als ik ze zag, dan zaten ze braaf in een kooitje, afwezig kauwend op een slaatje van een ander. Veel verder dan Tom & Jerry ging mijn muizenkennis in ieder geval niet. Zoals menigeen zal weten die zowel deze show, als muizen in het echte leven kent, is Jerry een nogal geromantiseerde weergave.

Onlangs had ik echter voor het eerst in al mijn tijd een muis in huis. Waarschijnlijk was mijn bezoeker het resultaat van een deur die te vaak open stond. Het was in eerste instantie gekrabbel in de nacht, in combinatie met enkele waarnemingen van muizen in het trappenhuis, dat mij deed vermoeden dat er eentje binnen was gekomen.

Omdat ik zeker wilde weten of dit vermoeden juist was, heb ik lange tijd mijn huis in stilte geobserveerd. Net toen ik het op wilde geven om te concluderen dat ik geen muis had, schoot hij opeens onder de bank vandaan om even snel weer te verdwijnen... Ik schrok, ondanks mijn mentale voorbereiding. Ik besloot dat de Muis weg moest, niet alleen om mijn kaas, maar omdat ik met het gekrabbel niet gerust kon slapen.

Het is daarna een tijdlang oorlog geweest tegen de Muis. Ik heb vallen uitgezet, delen van het huis hermetisch afgesloten en was slechts enkele stappen verwijderd van het graven van loopgraven en plaatsen van prikkeldraad. Mijn vallen waren getooid met pindakaas – dat schijnt beter te werken dan kaas of chocolade – en iedere ochtend waren de vallen kaalgevreten zonder te zijn dichtgeklapt. De Muis dreef de spot met mij en mijn aanpak was niet hard genoeg.

Na twee weken jagen, heb ik zwaardere middelen gebruikt en daarna mogen constateren dat de vallen niet meer leeggeplunderd waren. Geen gekrabbel meer in de nacht en geen Muis die onder mijn bank doorschoot. Wie weet krijg ik er ooit nog eentje, want mijn huisdeur is toch nog met regelmaat open. Ik wil toch bezoek ontvangen, ook al betekent dat, dat er af en toe een muis binnen glipt. Het lijkje is nooit gevonden en ik koester de hoop dat het diertje – in mijn jeugd zo geromantiseerd – elders aan een slaatje knabbelt.


Stuur dit bericht door!


© 2007-2012 AllesoverUtrecht