zaterdag 21 september 2019
Versie 3.00.0
  Dé click met Utrecht!


Nieuws per e-mail?
Aanmelden Mijn AOU
Hier gratis aanmelden

Politiekpagina
Nieuwspagina
Meer nieuwspagina
Regio nieuwspagina
Variapagina




Veilig vast
Column
Gepubliceerd: 2010-08-05
door: Quentin van Dinteren








Crabzilla is behouden aangekomen in Scheveningen. Mooi. Ik was ontzettend opgelucht toen ik dat las. Maar tegelijkertijd was ik ook een beetje verdrietig. Ik voelde mij verdrietig op die manier waarop je je verdrietig voelt wanneer je iemand loslaat, omdat je weet dat dat beter is voor die persoon of krab. Om mijn gemoed enigszins te verlichten, zal ik het verhaal van mij en Crabzilla hier delen.

Toen ik een jaar of 30 was, ik denk in ’88, of misschien ’89, ben ik een jaartje of twee assistent geweest bij de Japanse Spinkrabben Academie in Soest. De lezers zullen het wel kennen, want de Japanse Spinkrabben Academie te Soest is vrij vaak in het nieuws. De opleiding is gedegen, alleen het examen “zijwaarts lopen en scharenknippen voor gevorderden” sloot niet goed aan bij de stof.

Enfin, in die gekke tijd kwam ik Crabzilla tegen. Hij moest lachen om mijn krabbenkostuum (ik had mijn krabbenbroek achterstevoren) en sindsdien waren wij goede vrienden. Doordeweeks gingen wij vaak drinken in Utrecht aan het Neude, waar een Japanse Spinkrab immers niet zo opvalt. In de weekenden vaak naar Soest, aangezien de uitsmijters in Utrecht meestal geen Japanse Spinkrabben binnenlieten.

Met dat soort dingen had Crabzilla het vaak moeilijk. Als Crabzilla weer ergens niet naar binnenkwam of zich bekeken voelde, werd hij verlegen. Dan knipte hij opgewonden met zijn scharen, stapte hij moeilijk heen en weer en maakte hij een piepend geluid. Het geluid dat een aardappeltje ook wel eens maakt als hij gebakken wordt en het daar niet mee eens is, u kent het wel.

Toen onze tijd op de Japanse Spinkrabben Academie erop zat, vertelde Crabzilla mij dat hij ‘op reis’ wilde. Het was tijd, zei hij, dat hij de wereld eens goed zou bekijken en zichzelf zou vinden. Met tranen in de ogen heb ik hem toen gevraagd of hij nog wel eens terug zou komen naar Utrecht. Nee, had Crabzilla gezegd… er is hier geen zout water, voegde hij eraan toe… Maar ik wist dat het was omdat hij zich niet thuis voelde.

Sindsdien heb ik hem niet meer gezien, maar ik hoorde verhalen. Het ging niet goed met Crabzilla, hij zwierf rond en begon te stelen van andere krabbetjes. Langzaamaan begon Crabzilla te lijken op het stereotype van de Japanse Spinnenkrab… Ik was dan ook blij toen hij gevangen werd en eindelijk professionele hulp kreeg. Ik heb hem echter niet opgezocht, omdat ik niet de herinneringen aan vroeger in hem los wil maken.

Nee, want Crabzilla is nu in Scheveningen en ik denk dat hij daar veilig is. Mettertijd zal hij goed aanpassen in een omgeving met veel andere schaaldieren en vissen. Voor je het weet, kijken ze met zijn allen in de gezamenlijke ruimte leuk naar X-Factor. Op vrijdagen doen ze dan gekke-hoedjesdag en één keer per maand mag Crabzilla misschien buiten zwemmen. Ja, Crabzilla is veilig.

Maar ik kan de herinneringen van onze wilde dagen niet achter mij leggen. Toen Crabzilla nog jong was en zijn zelfvertrouwen nog niet verziekt was door de vooroordelen van anderen. Want ooit was Crabzilla een jonge, wilde krab zonder ID-tags, zonder een voedselrooster en vrij buiten zijn kooi. Met verdriet in mijn hart laat ik Crabzilla los, wetende dat het in ieder geval niet slechter met hem kan gaan.

Quentin van Dinteren


Stuur dit bericht door!


© 2007-2012 AllesoverUtrecht