woensdag 18 september 2019
Versie 3.00.0
  Dé click met Utrecht!


Nieuws per e-mail?
Aanmelden Mijn AOU
Hier gratis aanmelden

Politiekpagina
Nieuwspagina
Meer nieuwspagina
Regio nieuwspagina
Variapagina




Schoensmeer
Column
Gepubliceerd: 2010-02-11
door: Quentin van Dinteren








De Lange Elisabethstraat of de Stadhuisbrug is waar ik hen tref. En met hen bedoel ik zij die op iedere mogelijke wijze proberen mij te verleiden; mij te verlokken, om mij financieel ten gronde te richten. Van verre zien zij mij aankomen; het is alsof zij mij ruiken... en wachten tot ik – onvermijdelijk – nabij hen kom.

“Mag ik u wat vragen.” Zij springt brutaal voor mij, blokkeert mijn weg. Ik kijk geïrriteerd, want ik heb schoensmeer nodig. Dat is op zich al niet leuk, want schoensmeer halen, is een taak die concentratie, plichtsbesef en een stevig en gezond paar ballen vereist. Geconcentreerd en doelgericht als ik dan ben, kan ik allerminst kirrende en vleiende studentes bij mijn queeste gebruiken.

Ze steekt van wal en vertelt mij over Warchild. Als ik “Warchild” hoor, denk ik aan Marco Borsato. Als ik aan Marco Borsato denk, krimpt mijn moed. En die heb ik juist zo hard nodig nu ik schoensmeer moet gaan kopen. Dat is immers een taak die niet aan mannen met een laffe inborst is besteed. Enkel een ware held zal succesvol schoensmeer vergaren...

Ze reutelt door over kindsoldaten terwijl ik tegen mijn wil in “dromen zijn bedrog” in mijn hoofd repeteer. Wanneer ik merk dat ze zelfs langzaam met mij meeloopt, loer ik weemoedig naar de hemel. Het zal aan mij zijn, zo bedenk ik mij, om dit obstakel uit de weg te ruimen, opdat ik mijn queeste kan vervolgen.

Ik overweeg een seconde om haar in de gracht te gooien, maar besluit uiteindelijk dat dergelijk gedrag een gentleman niet zou sieren. Neen, het is immers 2010; verkopers kun je niet meer in de gracht flikkeren... die gouden tijden zijn voorbij. Ze vertelt over een jongetje dat kindsoldaat was en na zijn gevechten op straat is achtergelaten.

“Vind jij dat niet erg?” Vraagt zij mij – haar verhaal concluderend – terwijl ik naarstig op zoek ben naar een bot voorwerp om mijzelf mee te verwonden, opdat ik vrij zal zijn van dit filantropische gezwets. Ik denk een seconde na over haar vraag en antwoord waarheidsgetrouw: “Ja, maar ik heb andere dingen aan mijn hoofd.”

Een uur later was ik de kindsoldaatjes en hun trauma’s vergeten; ik vond het vele malen erger dat ik nog geen schoensmeer had kunnen vinden...

Quentin van Dinteren


Stuur dit bericht door!


© 2007-2012 AllesoverUtrecht