donderdag 22 augustus 2019
Versie 3.00.0
  Dé click met Utrecht!


Nieuws per e-mail?
Aanmelden Mijn AOU
Hier gratis aanmelden

Politiekpagina
Nieuwspagina
Meer nieuwspagina
Regio nieuwspagina
Variapagina




Romeinse Kamervragen
Column
Gepubliceerd: 2010-01-06
door: Quentin van Dinteren








Aan de Pausdam zat ooit de herensociëteit Sic Semper. Sic Semper is Latijn voor – kort door de bocht – “zo [zal het] altijd [zijn]”. De herensociëteit had het karakter van een Oranjevereniging. Republikeinen en antiroyalisten hadden er dus niks te zoeken. De naam Sic Semper zelf verwijst naar het eeuwigdurende karakter van de monarchie en ons Koningshuis. En waarschijnlijk ook naar het eeuwigdurende karakter van drinkende mannen.

Op een muur in de Trans stond “Sic Semper” geschreven, toen ik hier nog niet zo lang woonde – inmiddels is het weg. Met daaronder “Trans”, de naam van de straat waar de sociëteit ook een ingang had. Een eerbetoon aan de sociëteit die er ooit zetelde. Als ik door de Trans liep, dacht ik dan altijd aan royalistische heren met hoge hoeden die de deugden van de monarchie bespraken onder het genot van een drankje. Maar daarnaast moest ik ook altijd even lachen.

“Sic Semper Trans” is namelijk een ongelukkige combinatie woorden om een Oranjesociëteit eer te bewijzen. Die drie woorden, op de muur in de Trans geschreven, voeren een mens terug naar verhalen uit het jaar 44 voor onze telling. Het jaar dat Julius Caesar – op wiens naam de woorden ‘keizer’, ‘kaiser’ en ‘tsaar’ zijn gebaseerd – door zijn senatoren met messteken om het leven werd gebracht. Meer dan twintig dolksteken: de Romeinse uitvoering van “Kamervragen”...

De legende wilt, dat de stervende keizer tegen zijn discipel Junius Brutus – wiens gezicht hij onder de samenzweerders zag – zei: “Kai su, teknon?”. Oudgrieks (dat was toen trendy, weer eens wat anders dan uggs of geruite sjaaltjes) voor “ook jij, mijn zoon?”. Pas toen hij zijn discipel had herkend, legde de keizer zich neer bij zijn lot. Hij trok zich zijn mantel over het hoofd, zeeg ter aarde en bezweek onder de stekende messen van de stemmen van zijn volk.

En wat beet Brutus hem toe in die laatste seconden? Het verhaal gaat dat hij de legendarische woorden sprak, die sindsdien vele antiroyalisten als lijfspreuk hebben gehad: “zo vergaat het tirannen altijd”. Het toeval wilt, dat in het Latijn (Brutus was niet zo trendy), dit uitkomt op: “Sic semper tyrannis.” Het scheelde maar een weinig met “Sic Semper Trans”, maar het scheelde niet genoeg. Een antiroyalistische leus als eerbetoon aan een Oranjesociëteit... Daar moet ik van lachen.

Quentin van Dinteren


Stuur dit bericht door!


© 2007-2012 AllesoverUtrecht