De eerste vraag die bij elk weldenkend mens opkomt bij het bericht dat de tunnel nog niet in gebruik kan worden genomen wegens het ontbreken van een goedgekeurd veiligheidsplan is: hoe is het mogelijk dat er voor die tunnel überhaupt een bouwvergunning is gegeven? Wie geeft er nu een miljard uit voor een tunnel zonder de zekerheid te hebben dat de nodige veiligheidsvoorzieningen kunnen worden aangebracht? Wat de vraag extra interessant maakt, is dat aanvankelijk om veiligheidsredenen werd gekozen voor een open-dicht-open-variant. Een tunnel dus die op meerdere plaatsen werd onderbroken. Dat was met het oog op het vervoer over de weg van gevaarlijke stoffen. Onze bestuurders en ambtenaren hebben destijds kennelijk tot de gesloten variant besloten zonder zich af te vragen of dat, gelet op de veiligheidsrisico's, wel verantwoord was. Welke ambtenaren en welke bestuurders (wethouders) verantwoordelijk zijn voor het verlenen van de bouwvergunning valt makkelijk na te gaan. In een normaal functionerende organisatie worden die daarop afgerekend. Mochten ze nog in dienst zijn, dan behoren ze zonder pardon ontslagen te worden.
Burgers die kritisch zijn over bouwplannen van de gemeente worden als regel niet serieus genomen door raadsleden, wethouders en ambtenaren. Ze worden afgeschilderd als lastposten, die met hun gezeur voor vertraging zorgen. Hoe stompzinnig dat is, moge blijken uit het tunneldebâcle. Er zijn namelijk burgers geweest die zich bezorgd hebben afgevraagd of die lange tunnel wel verantwoord was, vooral gelet op het vervoer van gevaarlijke stoffen. Burgers die met zulke bezwaren komen, worden doorgaans afgezeken met het argument dat deskundigen ernaar gekeken hebben en dat alles prima in orde is. En ook bij de bestuursrechter en de Raad van State worden ze om dezelfde reden niet serieus genomen. Het zijn 'maar' burgers; de deskundigen van de gemeente en van Rijkswaterstaat weten heus wel wat ze doen. Welnu, het tunneldebâcle laat maar weer eens zien waar die bestuurlijke en ambtelijke arrogantie toe leidt.
De tijdelijke verbreding van de A2 is natuurlijk een krankzinnig plan. In de eerste plaats omdat daarmee het fileleed alleen maar wordt verergerd. De meeste files zijn het gevolg van wegwerkzaamheden. De tijdelijke verbreding van het bestaande tracé betekent dat de files tot de ingebruikneming van de tunnel nog veel langer worden. Het plan van de tijdelijke verbreding kan alleen maar bedacht zijn door de wegenbouwers die, nu de tunnel voltooid is, vrezen zonder werk te zitten en graag nog wat extra willen verdienen. Ten koste dus van de automobilist, die nog langer in de file moet staan.
Een boeiende vraag is tenslotte hoe de tijdelijke verbreding van het bestaande tracé in overeenstemming valt te brengen met de luchtkwaliteitsregelgeving. Rijkswaterstaat en de gemeente Utrecht wisten destijds de Raad van State ervan te overtuigen dat de luchtkwaliteit langs de A2, dankzij de overtunneling en ondanks de verbreding van 6 naar 10 rijstroken, sterk zou verbeteren, vergeleken bij de bestaande situatie. Om dat aannemelijk te maken, werd berekend dat de concentratie NO2 op het bestaande tracé, vlakbij de Meernbrug over het kanaal, ruim 60 microgram/m3 was, terwijl die op het nieuwe tracé zelfs onder de grenswaarde van 40 microgram/m3 zou uitkomen. Welnu, iedereen begrijpt dat als je extra rijstroken gaat aanleggen langs de bestaande rijweg, de NO2 concentratie nog veel hoger wordt dan 60 microgram/m3. De gemeente en Rijkswaterstaat zullen heel erg met cijfers moeten goochelen en de Raad van State moet zich ontzettend van de domme houden, wil de tijdelijke verbreding het beroep overleven dat door omwonenden tegen dit onzalige plan zou kunnen worden ingesteld.
Kees van Oosten