De boog kan niet altijd gespannen zijn. Dat geldt niet alleen voor bestuurders, volksvertegenwoordigers en ambtenaren, maar ook voor ondergetekende. Mijn grote nadeel is misschien dat ik nergens een arbeidscontract heb. Niet werken betekent geen inkomen. Het voordeel is daarentegen groter. Geen kantoortuinen voor mij en geen chef die mij kan afblaffen als ik ga buitenspelen. Relaxen in de tijd van de baas, ik geef toe het is wat schizofreen, is relaxen in mijn eigen tijd. Slapen doe ik overigens ook in de tijd van de baas, net als het opvoeden van de kinderen en de wekelijkse boodschap.
In mijn geval betekent kwalitatief buitenspelen graven met archeologen. Met temperaturen van 20 graden rommelen in zandhopen is niet alleen voor kinderen hemel op aarde. En gelukkig is het graafseizoen in mijn wijk weer geopend.
Ik neem u graag mee naar het jaar 25 voor Christus. U woont met uw gezin in een grote boerderij aan de rand van de Oude Rijn. Het is lente. De gewassen groeien goed, de beesten hebben flink wat jongen gekregen en niemand is ziek. Dat was vaak anders. Moeder de vrouw maakt vast wat potten om de oogst in te kunnen bewaren en de kinderen proberen een zalm te vangen. Het leven is goed en om dat te vieren, het kan zomaar omslaan, denkt u na over wat geofferd kan worden aan de goden.
Maar dan een paar decennia later. U bent oud en de dagen zat. De kinderen zijn groot en hebben het harde werk overgenomen. Veel meer dan het voeren van de kippen en uren turen over het water zit er niet meer in. En dan, om de bocht van de mistige rivier doemt een schip op. En nog een. Daarin mannen met glimmende helmen, zwaarden en speren. U wilt een kreet slaken maar geluid blijft uit…
En die clash van culturen graaf ik nu op. Om de hoek. Buitenspelen mag wat kosten.
Wouter de Heus
Deze column is eerder gepubliceerd in
AD/Utrechts Nieuwsblad en op het weblog
WouterdeHeus.nl.