Als u dit leest vieren wij de verjaardag van onze oudste zoon Daan. Zijn dertiende. Het is ruim 30 jaar geleden dat ik 13 werd en ik herinner me dat als de dag van gister. Nooit meer 12. Mijn hart maakte een sprongetje van dat gelukzalige gevoel. Het was 1980. Joop Zoetemelk had de Tour gewonnen en ik was er live getuige van dat de dit jaar overleden golfheld Seve Ballesteros de Dutch Open won. Dolgelukkig was de jonge Spaanse matador met de titel en 25.000 spijkerharde florijnen. En ik was voor altijd betoverd door zijn magie.
Joop’s touroverwinnig volgde ik per zelfgeknutselde transistor op een jeugdkamp ergens op de heide. Het was net zulk pestweer als nu. Het kamp kende geen pedofiele leiding, had niets met politiek van doen en geesteszieke idioten schoten er niet hun gal leeg op onschuldigen. Het leven was goed en eenvoudig, zeker toen er gezoend werd met de mooiste meid van het kamp.
Daans zomerkamp net voor zijn dertiende bestaat uiteraard niet. De Tour kwam in ons Zeeuwse huisje binnen via tv en Twitter. Heidespelletjes? Doe effe normaal. Naar de mooiste meid van Schouwen wordt niet eens gezocht. Luieren is in. Inclusief de godganse dag typen op de Blackberry. Corvee? Dat is heel af en toe met de hond lopen en ‘s ochtends mee broodjes halen.
Wat niet verschilt is de pret in zijn ogen dat 12 voorgoed verlaten wordt. Het echte tienerbestaan kan nu beginnen. Dromen van scooters en vrijheid. Wat nou aardappels pitten rond een zinken teil. Vakantie met ouders is al op het randje. Goed, Amerika was leuk geweest. Of een foute Griekse tienerbestemming. Zeeland sucks. Gewoon In Utrecht met vrienden was beter.
Nooit meer 12 maakt ouders melancholisch. Gelukkig ben ik nooit vergeten hoe fijn het is om 13 te zijn en dat scheelt vandaag enorm.
Wouter de Heus
Deze column is eerder gepubliceerd in
AD/Utrechts Nieuwsblad en op
WouterdeHeus.nl.