De journalistiek is niet goed voor je karakter. Altijd ben je op zoek naar de welbekende stront aan de knikker. En je hart springt juichend op als je de onwelriekende geur weer opsnuift: hier valt iets te halen!
Wat dat betreft is het met dit college droevig gesteld. Hier en daar een akkefietje – gevaarlijke kruisingen, scheuren in huizen, bomen die omgehakt dreigen te worden – maar tot nu toe was er nog weinig drama te bespeuren.
Terwijl alles toch lijkt mee te zitten: een links college en een rechts kabinet, economische crisis, een forse bezuinigingsopgave, dat moet toch de nodige 'shit' opleveren?
Mijn hoop was gevestigd op de invulling van de noodzakelijke bezuinigingen. Zo'n 55 miljoen moet er geschrapt, gesneden, gesnoeid en omgebogen worden. Zo is het afgesproken in het college-akkoord. Daar zullen toch harde beslissingen voor genomen moeten worden, dat moet toch pijn gaan doen?
De teleurstelling was dan ook groot toen ik de vorige week verschenen Voorjaarsnota las. Er hoeven helemaal geen pijnlijke beslissingen genomen te worden, zo blijkt. Ja, die ene bibliotheek moet dicht. Maar de spetterbadjes blijven bestaan, het gras zal nog steeds gemaaid worden en alle kinderboerderijen blijven open.
En dat allemaal dankzij de externen. Door alleen maar minder consultants en adviseurs in te huren kan de gemeente Utrecht een belangrijk deel van de noodzakelijke bezuinigingen verwezenlijken. En door daarnaast ook nog eens fors te bezuinigen op ambtenaren lijkt de klus al voor een groot deel geklaard. Niks pijnlijke beslissingen. Want wie treurt er nu om consultants en ambtenaren die moeten vertrekken?
De hoop is nu gevestigd op addertjes onder het gras: financiële tegenvallers bij Leidsche Rijn, forse bezuinigingen door het Rijk. Ooit moet het ergens pijn gaan doen en zal het drama terugkeren in de Utrechtse gemeentepolitiek.
Mario Gibbels