Na een veel te lange vakantie -in twee bedrijven- wilde ik gisteren eindelijk even gaan praten op Kanaleneiland. Dat plannetje ging mooi niet door. Toen we dinsdagavond vanuit Zeeland aanmeerden in het overstroomde Utrecht bleek onze vesting, inclusief Politiekeurmerk Veilig Wonen, met een zware koevoet te zijn opengebroken. De voordeur en het voorraam hadden netjes stand gehouden, ondanks het toegepaste geweld. Diepe groeven in het hout ten spijt, de in beide deurstijlen verankerde deur en het raam met dievenklauwen en opzetsloten hadden verder geen krimp gegeven. Atelierdeur: idem dito. Drie mislukte pogingen, het heeft de rakkers niet overtuigd hun pogingen te staken. Dan maar het platte dak op dat een deel van ons huis bedekt en waar ooit zonnepanelen moeten komen. Een extra verankerd Veluxraam: totaal gesloopt maar niet bezweken! Daarna was het de beurt aan onze aluminium schuifpui in de iets te beschutte tuin. Volledig vervormd en een enorme schadepost, maar ook daar bleken de opzetsloten bestand tegen het geweld. Helaas gaf het zesde object, een klein kiep-kantelraam tussen tuin en zitkamer, zich gewonnen na meerdere pogingen met de enorme koevoet. Om kort te gaan: huis overhoop, dierbare spullen weg, politie en technische recherche over de vloer en veel braakschade. En nu op zoek naar de bonnetjes van de sieraden. Ik heb ze bewaard, maar waar. En hoe gaat de verzekering zich opstellen? Wij hebben nimmer iets hoeven claimen bij die rakkers, maar dit keer gaat het om forse bedragen.
Last van een onveiligheidsgevoel of ‘er hebben mensen door je spullen lopen neuzen’, dat heerst hier niet. Ik weet nu dat ik slechts een raam extra moet beveiligen. Thats all. Onze Kanaleneilanders hebben het slechter getroffen. Weken uit je huis te worden verjaagd door het asbestspook, dat lijkt me pas een ramp. Slapen in je eigen bed of relaxen voor je eigen openhaard: dat is pas goud waard. En dat goud hebben we nog. Dat andere goud is helaas in handen van ordinair werkschuw steelvolk. Veel ongeluk ermee!
Wouter de Heus
Deze column is eerder gepubliceerd in
AD/Utrechts Nieuwsblad en op
WouterdeHeus.nl.